|
Article in other languages:
|
Het geologisch tijdperk Neogeen is de middelste van de drie perioden van de era Cenozoïcum. Het volgt op het Paleogeen, wordt opgevolgd door het Kwartair en duurde van 23,03 tot 2,588 miljoen jaar geleden (Ma). Het Neogeen is onderverdeeld in de twee tijdvakken Mioceen en Plioceen. Het Neogeen was een periode met een gematigd klimaat, hoewel nog niet zo koud als in het erop volgende Kwartair. Dit zorgde weer voor de opkomst van dieren en planten die grasland als habitat hadden. NaamgevingDe naam Neogeen werd voor het eerst gebruikt door de Oostenrijkse paleontoloog Moriz Hörnes bij onderzoek naar gesteentelagen in het Bekken van Wenen. Moernes onderscheidde ze daarmee van oudere Cenozoïsche gesteentelagen, die hij Paleogeen noemde. Pas in de jaren 80 van de vorige eeuw raakten de namen Neogeen en Paleogeen in algemeen gebruik, daarvoor werd de tijdspanne van deze twee periodes samen Tertiair genoemd. Hoewel nog deze naam nog steeds veel voorkomt, wordt het gebruik ervan afgeraden door de ICS. In 2004 heeft de ICS een voorstel gepubliceerd voor standaardisering van de geologische tijdschaal. Eén van de voorstellen betrof de onderverdeling van het Cenozoicum in twee perioden in plaats van de gebruikelijke drie. De twee te handhaven perioden zouden Neogeen en Paleogeen zijn waarbij het Kwartair als sub-periode onder het Neogeen gerangschikt zou worden. Het Neogeen zou in dit voorstel dus tot in de huidige tijd doorlopen. Over dit voorstel wordt in 2009 op het Internationaal Geologisch Congres besloten. GebeurtenissenHet drogere en koelere klimaat, dat tijdens het Oligoceen ontstaan was, bleef gedurende het Neogeen aanwezig. Dankzij het droge en koele klimaat konden kruidachtige planten zich diversificeren en sterk verspreiden. Veel kleinere insecten- en zadenetende soorten knaagdieren, vogels, amfibieën en reptielen profiteerden daarvan. Op verschillende continenten was er een megafauna van tegenwoordig uitgestorven soorten zoogdieren. Aan het einde van het Neogeen ontstond de Landengte van Panama waardoor Noord- en Zuid-Amerika met elkaar verbonden raakten. Er vond tussen de twee continenten een uitwisseling van soorten plaats, terwijl andere soorten uitstierven. Dit wordt de Great American Interchange (Engels voor grote Amerikaanse uitwisseling) genoemd. Door convergente beweging van de continenten Afrika en India met Eurazië ging vorming van de Alpen en de Himalaya door. De Tethysoceaan tussen Afrika en Europa verdween, op wat restanten na: de huidige Middellandse Zee, Zwarte Zee, Kaspische Zee en het Aralmeer. Rond 5,5 miljoen jaar geleden zorgde deze beweging voor het afsluiten van de Straat van Gibraltar, waardoor de Middellandse Zee afgesloten werd en periodisch droog viel (de zogenaamde Messinian salinity crisis). Aan het einde van het Neogeen koelde het klimaat geleidelijk verder af waardoor er in het Kwartair een ijskap op de noordpool kon ontstaan. Zie ook
Questions for article: neogen |
This article is from Wikipedia. All text is available under the terms of the GNU Free Documentation License.
IHS Europe: Infrared Heating Systems for Home and Business.